Op zondag december 2014 sprak schrijver Alex Verburg op verzoek van de bibliotheek in de Groene Engel in Oss over zijn boek Pater van Kilsdonk : raadsman in delicate zaken : memoires. Collega Jan de Waal maakte onderstaand verslag en promofilmpje
Klik hier voor alle filmpjes
Veerkracht zullen we de komende jaren hard nodig hebben. Ons oude model is “op”. Niemand weet hoe het nieuwe er uit zal zien. Elk van ons zal binnen zijn of haar omgeving op zoek moeten naar waardevolle alternatieven. We gaan – om met Peter Sloterdijk te spreken - massaal oefenen. Het jaarthema van de Noord Oost Brabantse Bibliotheken is tot de zomer van 2015 Oefenen voor een andere tijd. En we weten nu al dat we dan nog niet uitgeoefend zullen zijn.
vrijdag 20 december 2013
dinsdag 19 november 2013
Oefenen, oefenen, oefenen
Je hebt van die dagen waarop zaken die ogenschijnlijk niets met elkaar te maken hebben samenvallen én op een bepaalde manier een bevestiging zijn van een inzicht dat je eerder had opgedaan. Zo'n moment deed zich rond half vijf voor op maandag 18 november 2013. Toen een medewerker van boekhandel Derijks in Oss zei dat het nieuwste boek van filosoof Marli Huijer binnen was gekomen. Ik had het gereserveerd omdat zij op 19 januari 2014 in de Groene Engel in Oss over dat nieuwe boek zal spreken in het kader van het thema Oefenen voor een andere tijd. En dan is het als organisator wel zo handig als je dat boek van tevoren hebt gelezen. De uitnodiging was gedaan op basis van een voorpublicatie. Klik hier voor een artikel (Overvloed vraagt om discipline).
Doorbladeren
In de winkel bladerde ik het boek een beetje door en toen viel mijn oog op een bepaald hoofdstuk. Het elfde, met de titel Oefenen, oefenen, oefenen. Grappig dat zij dat woord drie keer gebruikt in een boek over discipline. Iedereen die iets wil bereiken (het doet er niet toe wat) moet beschikken over de discipline om te blijven oefenen, oefenen, oefenen. Nog opmerkelijker was dat zij het in dat hoofdstuk heeft over de Duitse filosoof Peter Sloterdijk die ons (de mensheid, in het Westen) in zijn in 2009 verschenen boek Du mußt dein leben ändern oproept ons leven te (gaan) veranderen.Het thema Oefenen voor een andere tijd heeft een relatie met (juist) dat oefenen. Zoals naar voren gebracht door deze bekende filosoof.
Uiteraard had ik op dat moment geen tijd om het hele hoofdstuk te lezen. Integendeel, er moesten nog meer boeken worden uitgezocht, op rekening gezet en meegenomen naar de bibliotheek in Oss
Wijsheid in crisistijd
Toen ik daar met mijn handen vol nieuwe boeken terugkwam was de achtste bijeenkomst van Wijsheid in crisistijd nog bezig. Het was buiten al donker, miezerig weer. Centraal stond die middag de achtste waarde/deugd die de Engelse filosoof Alain de Botton in februari van dit jaar in zijn artikel Ten virtues for the modern age heeft geformuleerd. Die achtste waarde/deugd is forgiveness/vergeving. De mogelijkheid om als mens te kunnen vergeven, dingen achter je te laten, sorry te kunnen zeggen. Dat soort aspecten kwamen die middag aan de orde en voorbij. Terwijl ik die groep daar zo bezig zag realiseerde ik me dat ik enkele weken eerder tegen de voorvrouw van het clubje, Marina Polderman, had gezegd dat er wellicht een elfde waarde of deugd aan dat mooie rijtje zou kunnen worden toegevoegd: discipline. Ik had uiteraard toen het nog te verschijnen boek van Marli Huijer voor ogen. Alhoewel discipline deels ook geschaard zou kunnen worden onder Patience (Geduld).
Rond tien over vijf liep was de bijeenkomst voorbij. En was ik zo vrij om mezelf aan de groep op te dringen en ze deelgenoot te maken van mijn bevindingen van die middag. Dat medio januari Marli Huijer in Oss zou spreken over haar boek Discipline : overleven in overvloed, de verrassende constatering dat het elfde hoofdstuk als titel Oefenen, oefenen, oefenen had en dat iedereen van het Wijsheid in crisistijd-groepje die middag in januari aanwezig zou moeten zijn.
Suffen
Diezelfde dag had ik tijdens de lunch in het Financieel Dagblad een kort artikel gelezen waarin op een andere manier iets werd gezegd over onze tijd, waarin we allen (of we het nu willen of niet) aan het oefenen zijn. Hoogleraar wijsgerige ethiek Paul van Tongeren, verbonden aan de Radboud Universiteit en prijswinnaar van de Socratesbeker (voor het beste filosofieboek van 2012), doet uitspraken over mensen die zich in de ratrace van het leven voorbij lopen. Té veel hooi op hun vork nemen. Onvoldoende rustmomenten inbouwen.
Maar om die rust in je leven te kunnen inbouwen moet je in staat zijn af en toe "Ho" te roepen. Stop! Genoeg! "Ik doe niet meer mee" Stoppen met Facebook. Google ++ links laten liggen. Mijd het zoveelste verjaardagsfeestje. Weiger om weer een weekend naar een stad af te reizen. Zeg enkele tijdschriftabonnementen op. Enzovoorts. Breng kortom de discipline op om bewust voor sommige 'dingen' te kiezen en aan de andere kant om andere zaken bewust niet meer te doen. Klik hier voor een artikel over Paul van Tongeren en zijn visie op 'onthaasten' (We moeten rust en werk juist integreren, dat is de grote opgave waarvoor we staan).
Oefenen - Iedereen kan het?
In het elfde hoofdstuk gaat Marli Huijer in op Peter Sloterdijk. En zijn oproep om als mens te oefenen. Hieronder enkele citaten uit dit hoofdstuk, waarin ze zich (terecht) kritisch opstelt tegenover Sloterdijk. Niet ieder mens is in staat om te oefenen. Een interessant standpunt. Benieuwd hoe ze die bevinding op zondag 19 januari 2014 in Oss zal verbinden aan het jaarthema Oefenen voor een andere tijd. In het decembernummer van het Filosofie Magazine staat een interview met Marli Huijer. En ik verwacht meer plekken waar zij aan het woord zal worden gelaten. Op een bepaalde manier komt dit boek over als een 'opvolger' van het boek Stil de tijd van Joke J. Hermsen (uit 2009).
Verticale spanning
'Waar spiegelt u zich aan?', vroeg ik de scheidend directeur van de Internationale School voor Wijsbegeerte in Leusden. Onderwerp van gesprek was 'ijdelheid'. 'Ik spiegel me aan mensen die ergens beter in zijn dan ik', antwoordde hij, 'iemand als Nelson Mandela. Dat is zo'n lichtend voorbeeld, zo hoog kan ik nooit stijgen. Maar ik kan er wel naar streven. Het verschil tussen het niveau van Mandela en dat van mij maakt mij tot wie ik ben.' Het antwoord van de directeur is een voorbeeldige illustratie van wat de Duitse filosoof Peter Sloterdijk een 'verticale spanning' noemt. Het verschil tussen Mandela en minder hoogstaande mensen als u en ik geeft een spanning die ons omhoog trekt richting Mandela.
Elke cultuur kent allerlei tweedelingen die een hoger en een lagerniveau aanduiden, stelt Sloterdijk in zijn boek Je moet je leven veranderen. Denk aan het verschil tussen volkomen en onvolkomen, dapper en laf, machtig en onmachtig of overvloed en gebrek. Het eerste begrip wordt steeds hoger gewaardeerd en heeft daarom de voorkeur boven het tweede. De eerste term is het hogere, de 'attractor' waar mensen naartoe bewegen, de tweede term is het lagere, het afstotelijke waar ze vandaan bewegen.
Zolang er mensen zijn, staan ze onder zulke 'verticale spanningen', die hen bij voortduring omhoogtrekken: 'Overal waar men menselijke wezens tegenkomt, zijn ze ingebed in prestatievelden en statusklassen.' (p. 203)
() Sloterdijks diagnose dat de beschaving in crisis verkeert, lijkt op die van in het vorige hoofdstuk besproken cultuurcritici, maar Sloterdijk biedt een andere uitweg. Hij zoekt de oplossing niet in een hernieuwde tucht, maar in een bevel aan het individu (aan 'jou') om 'je leven te veranderen'. Die verandering is een beweging naar een hoger niveau, en die beweging komt tot stand in de oefening. 'Oefening' is voor hem 'elke handeling waardoor de geschiktheid voor de volgende uitvoering van dezelfde handeling op peil gehouden of verbeterd wordt, om het even of die handeling expliciet als 'oefening' wordt bestempeld. In de oefening worden handelingen of activiteiten langdurig herhaald en getraind, waardoor deze worden verbeterd, of ten minste op hetzelfde peil blijven. (p. 204)
Niet iedereen is in staat
() Heeft zijn manmoedigheid Sloterdijk blind gemaakt voor de mogelijkheid dat het onvermogen om te oefenen voortkomt uit ongelijke kansen of pech? Zoals in eerdere hoofdstukken werd besproken is het vermogen om jezelf te verbeteren ongelijk verdeeld. Niet iedereen is in staat om iets beters van zichzelf te maken, hoe hard hij of zij ook oefent. Ook treft niet iedereen leermeesters, coaches of ouders die 'willen dat zij hogerop willen'. Tot slot beschikt lang niet iedereen over de economische of sociale middelen en mogelijkheden om de eigen 'insufficiëntie' of onvrede om te zetten in iets beters.
Om de mens die worstelt met de huidige overvloed op weg te helpen naar nieuwe manieren om met vrijheid en discipline om te gaan, is meer nodig dan een bevel om jezelf te oefenen en te veranderen. Misschien kunnen we de nieuwe discipline voortaan wat dichter bij huis zoeken, in plaats van op de eenzame hoogte van Nelson Mandela. (p. 218)
En nu?
Onder deze kop ging Rob Wijnberg op dezelfde maandag in op de verzuchting van veel Correspondent-leden dat zijn jonge bende correspondenten veel analyses aandragen, maar zelden met concrete oplossingen komen. Rob Wijnberg probeerde uit te leggen dat er verschillende redenen zijn om dat niet te doen. En of het überhaupt mogelijk is met oplossingen voor alle problemen te komen. Hij stelde zich zeer bescheiden op en heeft het ergens aan het eind over proberen. Een woord dat verdacht veel lijkt op oefenen.
Hans van Duijnhoven
Doorbladeren
In de winkel bladerde ik het boek een beetje door en toen viel mijn oog op een bepaald hoofdstuk. Het elfde, met de titel Oefenen, oefenen, oefenen. Grappig dat zij dat woord drie keer gebruikt in een boek over discipline. Iedereen die iets wil bereiken (het doet er niet toe wat) moet beschikken over de discipline om te blijven oefenen, oefenen, oefenen. Nog opmerkelijker was dat zij het in dat hoofdstuk heeft over de Duitse filosoof Peter Sloterdijk die ons (de mensheid, in het Westen) in zijn in 2009 verschenen boek Du mußt dein leben ändern oproept ons leven te (gaan) veranderen.Het thema Oefenen voor een andere tijd heeft een relatie met (juist) dat oefenen. Zoals naar voren gebracht door deze bekende filosoof.
Uiteraard had ik op dat moment geen tijd om het hele hoofdstuk te lezen. Integendeel, er moesten nog meer boeken worden uitgezocht, op rekening gezet en meegenomen naar de bibliotheek in Oss
Wijsheid in crisistijd
Toen ik daar met mijn handen vol nieuwe boeken terugkwam was de achtste bijeenkomst van Wijsheid in crisistijd nog bezig. Het was buiten al donker, miezerig weer. Centraal stond die middag de achtste waarde/deugd die de Engelse filosoof Alain de Botton in februari van dit jaar in zijn artikel Ten virtues for the modern age heeft geformuleerd. Die achtste waarde/deugd is forgiveness/vergeving. De mogelijkheid om als mens te kunnen vergeven, dingen achter je te laten, sorry te kunnen zeggen. Dat soort aspecten kwamen die middag aan de orde en voorbij. Terwijl ik die groep daar zo bezig zag realiseerde ik me dat ik enkele weken eerder tegen de voorvrouw van het clubje, Marina Polderman, had gezegd dat er wellicht een elfde waarde of deugd aan dat mooie rijtje zou kunnen worden toegevoegd: discipline. Ik had uiteraard toen het nog te verschijnen boek van Marli Huijer voor ogen. Alhoewel discipline deels ook geschaard zou kunnen worden onder Patience (Geduld).
Rond tien over vijf liep was de bijeenkomst voorbij. En was ik zo vrij om mezelf aan de groep op te dringen en ze deelgenoot te maken van mijn bevindingen van die middag. Dat medio januari Marli Huijer in Oss zou spreken over haar boek Discipline : overleven in overvloed, de verrassende constatering dat het elfde hoofdstuk als titel Oefenen, oefenen, oefenen had en dat iedereen van het Wijsheid in crisistijd-groepje die middag in januari aanwezig zou moeten zijn.
Suffen
Diezelfde dag had ik tijdens de lunch in het Financieel Dagblad een kort artikel gelezen waarin op een andere manier iets werd gezegd over onze tijd, waarin we allen (of we het nu willen of niet) aan het oefenen zijn. Hoogleraar wijsgerige ethiek Paul van Tongeren, verbonden aan de Radboud Universiteit en prijswinnaar van de Socratesbeker (voor het beste filosofieboek van 2012), doet uitspraken over mensen die zich in de ratrace van het leven voorbij lopen. Té veel hooi op hun vork nemen. Onvoldoende rustmomenten inbouwen.
We kunnen niet creatief zijn op ons werk als we de hele dag handelen. Er moet ruimte zijn voor wat de filosoof Cornelis Verhoeven "suffen" noemde. Het belang van werkelijk niets doen, op de fiets of onder de douche, is groot. Ideeën krijg je: je moet zorgen dat er ruimte is om ze binnen te laten komen.
Maar om die rust in je leven te kunnen inbouwen moet je in staat zijn af en toe "Ho" te roepen. Stop! Genoeg! "Ik doe niet meer mee" Stoppen met Facebook. Google ++ links laten liggen. Mijd het zoveelste verjaardagsfeestje. Weiger om weer een weekend naar een stad af te reizen. Zeg enkele tijdschriftabonnementen op. Enzovoorts. Breng kortom de discipline op om bewust voor sommige 'dingen' te kiezen en aan de andere kant om andere zaken bewust niet meer te doen. Klik hier voor een artikel over Paul van Tongeren en zijn visie op 'onthaasten' (We moeten rust en werk juist integreren, dat is de grote opgave waarvoor we staan).Oefenen - Iedereen kan het?
In het elfde hoofdstuk gaat Marli Huijer in op Peter Sloterdijk. En zijn oproep om als mens te oefenen. Hieronder enkele citaten uit dit hoofdstuk, waarin ze zich (terecht) kritisch opstelt tegenover Sloterdijk. Niet ieder mens is in staat om te oefenen. Een interessant standpunt. Benieuwd hoe ze die bevinding op zondag 19 januari 2014 in Oss zal verbinden aan het jaarthema Oefenen voor een andere tijd. In het decembernummer van het Filosofie Magazine staat een interview met Marli Huijer. En ik verwacht meer plekken waar zij aan het woord zal worden gelaten. Op een bepaalde manier komt dit boek over als een 'opvolger' van het boek Stil de tijd van Joke J. Hermsen (uit 2009).
Verticale spanning
'Waar spiegelt u zich aan?', vroeg ik de scheidend directeur van de Internationale School voor Wijsbegeerte in Leusden. Onderwerp van gesprek was 'ijdelheid'. 'Ik spiegel me aan mensen die ergens beter in zijn dan ik', antwoordde hij, 'iemand als Nelson Mandela. Dat is zo'n lichtend voorbeeld, zo hoog kan ik nooit stijgen. Maar ik kan er wel naar streven. Het verschil tussen het niveau van Mandela en dat van mij maakt mij tot wie ik ben.' Het antwoord van de directeur is een voorbeeldige illustratie van wat de Duitse filosoof Peter Sloterdijk een 'verticale spanning' noemt. Het verschil tussen Mandela en minder hoogstaande mensen als u en ik geeft een spanning die ons omhoog trekt richting Mandela.
Elke cultuur kent allerlei tweedelingen die een hoger en een lagerniveau aanduiden, stelt Sloterdijk in zijn boek Je moet je leven veranderen. Denk aan het verschil tussen volkomen en onvolkomen, dapper en laf, machtig en onmachtig of overvloed en gebrek. Het eerste begrip wordt steeds hoger gewaardeerd en heeft daarom de voorkeur boven het tweede. De eerste term is het hogere, de 'attractor' waar mensen naartoe bewegen, de tweede term is het lagere, het afstotelijke waar ze vandaan bewegen.
Zolang er mensen zijn, staan ze onder zulke 'verticale spanningen', die hen bij voortduring omhoogtrekken: 'Overal waar men menselijke wezens tegenkomt, zijn ze ingebed in prestatievelden en statusklassen.' (p. 203)
Niet iedereen is in staat
() Heeft zijn manmoedigheid Sloterdijk blind gemaakt voor de mogelijkheid dat het onvermogen om te oefenen voortkomt uit ongelijke kansen of pech? Zoals in eerdere hoofdstukken werd besproken is het vermogen om jezelf te verbeteren ongelijk verdeeld. Niet iedereen is in staat om iets beters van zichzelf te maken, hoe hard hij of zij ook oefent. Ook treft niet iedereen leermeesters, coaches of ouders die 'willen dat zij hogerop willen'. Tot slot beschikt lang niet iedereen over de economische of sociale middelen en mogelijkheden om de eigen 'insufficiëntie' of onvrede om te zetten in iets beters.
Om de mens die worstelt met de huidige overvloed op weg te helpen naar nieuwe manieren om met vrijheid en discipline om te gaan, is meer nodig dan een bevel om jezelf te oefenen en te veranderen. Misschien kunnen we de nieuwe discipline voortaan wat dichter bij huis zoeken, in plaats van op de eenzame hoogte van Nelson Mandela. (p. 218)
En nu?
Onder deze kop ging Rob Wijnberg op dezelfde maandag in op de verzuchting van veel Correspondent-leden dat zijn jonge bende correspondenten veel analyses aandragen, maar zelden met concrete oplossingen komen. Rob Wijnberg probeerde uit te leggen dat er verschillende redenen zijn om dat niet te doen. En of het überhaupt mogelijk is met oplossingen voor alle problemen te komen. Hij stelde zich zeer bescheiden op en heeft het ergens aan het eind over proberen. Een woord dat verdacht veel lijkt op oefenen.
Dat wil niet zeggen dat 'groot denken' verkeerd is: idealistische stippen aan een horizon zetten kan ons helpen richting aan ons handelen te geven. Maar of iets de geschiedenis ‘de goede kant’ opduwt, is de verkeerde vraag: we weten namelijk niet welke kant dat is. 'The only thing we know is how to exchange our believes and desires with each other and as far as we can see that is what human life will be like forever,' vatte Richard Rorty het ooit nuchter samen. Dat betekent: wat je als mens nodig hebt om de wereld vooruit te helpen is niet ‘De Oplossing’, ‘Het Antwoord’ of ‘Het Gelijk aan Je Zijde’, maar juist de moed om, bij gebrek daaraan, simpelweg te proberen. Het leven is een en al trial and error, de enige zekerheid die je altijd hebt is dat er niks verandert als je niks doet.
Hans van Duijnhoven
Filmpje - Henny van der Pluijm
Op zondag 17 november 2013 sprak Henny van der Pluijm op verzoek van de bibliotheek in de Groene Engel in Oss over Oefenen voor een andere tijd in relatie tot zijn boek Rechten en plichten voor robots : burger ze in nu het nog kan! Collega Jan de Waal maakte onderstaand verslag en promofilmpje.
Klik hier voor alle filmpjes
Klik hier voor alle filmpjes
woensdag 13 november 2013
Beelden, quotes en ideeën
Vanaf hier kunt u doorklikken naar dertig pagina's waarop telkens een beeld, quote of idee wordt gepresenteerd en toegelicht. Onlangs werd in het Belgische Eos het nieuwste boek van filosoof Daniel Dennett besproken: Gereedschapskist voor het denken. In die recensie werd via 'de grot van Plato' een stapje gemaakt naar 'de intuïtiepomp'.
(dinsdag 22 oktober 2013, woensdag 24 februari 2016)
Een intuïtiepomp is een opstapje voor het denken: een gedachte-experiment dat op je intuïties inspeelt, waardoor je moeiteloos een nieuw intellectueel perspectief verwerft.4 uur en 22 seconden - 85 mensen - Bouwgesprek - Bubbel - Burgerschap - Corvette - Creativiteit - Cruiseschip - Drifting - Eenzaamheid - Ford - Go - Gokkast - Humans - Kantelaar - Klein - Legostenen - Occupy - Onwetendheid - Overview - Raam van Overton - Speedboot - Staan - Stam - Stavast - Value - Veerkracht - Vuurtoren - Zaaier - Zeeppompje
(dinsdag 22 oktober 2013, woensdag 24 februari 2016)
dinsdag 12 november 2013
Bubbel
Klik hier voor een artikel over dit praatje, zijn boek, de vraag wie er in control is en de rol van een Openbare Bibliotheek (De internet bubbel).
Homepage Beelden, quotes en ideeën
Burgerschap
The instruments with which we meet them may be new.
But those values upon which our success depends — hard work and honesty, courage and fair play, tolerance and curiosity, loyalty and patriotism — these things are old.
These things are true.
They have been the quiet force of progress throughout our history.
What is demanded then is a return to these truths.
What is required of us now is a new era of responsibility — a recognition, on the part of every American, that we have duties to ourselves, our nation, and the world, duties that we do not grudgingly accept but rather seize gladly, firm in the knowledge that there is nothing so satisfying to the spirit, so defining of our character, than giving our all to a difficult task.
This is the price and the promise of citizenship.
Op dinsdag 20 januari 2009 hield Barack Obama zijn inauguratietoespraak.
Klik hier voor de inauguratie toespraak (20-1-2009).
Klik hier voor een artikel over deze toespraak en een liedje van Bob Dylan.
Homepage Beelden, quotes en ideeën
maandag 11 november 2013
Ford
Een weddenschap. Het zit er dik in dat de komende jaren, door verschillende mensen op uiteenlopende plekken de naam Ford zal worden genoemd.
Henry Ford. De grote man van de gelijknamige autofabriek in Detroit. De man die op zeker moment inzag dat zijn omzet alleen kon groeien - écht groeien - als gewone mensen in staat waren ook een T-Fordje te kopen. Maar daarvoor heb je inkomen (wages) nodig. Niet alleen om te kunnen overleven (de basisbehoeften). Nee, meer om 'leuke' dingen te kunnen aankopen. Klik hier voor een artikel (Henry Ford's tragically forgotten insight).
Robots en de afname van betaald werk
De komende jaren zullen op de meest uiteenlopende en onverwachte plekken in de samenleving robots - of beter: zelflerende systemen - opduiken. Die betaald werk overbodig zullen maken. Indien de theorie van Joseph Schumpeter (creatieve destructie) dit keer niet opgaat (dat door technologische ontwikkelingen werkloos geworden mensen ander werk gaan doen), dan zitten we als samenleving en de opvolgers van Ford met een groot probleem. Wie gaat hun product of dienst afnemen? Niet langer de middenklasse, die nu nog voldoende omvangrijk en koopkrachtig is.
Een debat dat in de kinderschoenen staat
Onlangs schreef Rutger Bregman op De Correspondent een artikel over een wereld waarin robots zullen zorgen voor massawerkloosheid. Hij noemt in De race tegen de klok circa 50 procent in de komende twintig jaar. Een Amerikaans publicist (Kevin Kelly) noemt in zijn artikel Better than humans: why robots will -and must - take our jobs een getal van zeventig procent. Volstrekt ondenkbaar voor velen. Zeker voor politici die nog steeds geloven dat we na 'de crisis' terug zullen keren naar een tijd zoals we die hadden in de jaren negentig en de beginjaren van de 21e eeuw. Een tijd van bijna volledige werkgelegenheid met veel koopkrachtige burgers. Voor het gemak vergeten we dan (even) dat de aarde dat (ook) niet zou trekken. Klik hier voor een ander artikel.
De Wet van Moore
Helaas is (voor die politici) sinds de crisis van 2007 de Wet van Moore geldig gebleven, waardoor er elke 18 maanden snellere chips komen voor hetzelfde bedrag. Chips die overal ingebouwd worden. Software die steeds beter wordt en 'dingen' kan regelen. Deze autonome (niet te stoppen) (Kevin Kelly!) ontwikkeling zorgt er voor dat op dit moment al enkele zelflerende systemen binnen onze samenleving actief zijn. Klik hier voor een Tegenlicht uitzending over de manier waarop dit soort systemen nu al actief zijn op de beurs.
Waarom zal Ford worden aangehaald, genoemd?
Hij wist dat een bedrijf alleen kan floreren als consumenten genoeg geld in hun zak hebben om spullen te kunnen aankopen. Valt daar inkomen weg, dan heeft niet alleen de persoon in kwestie een probleem maar uiteindelijk ook het bedrijfsleven. En de overheid. Belastinginkomsten vallen terug. Er zijn steeds meer mensen die in leven moeten worden gehouden.
De Skidelsky's
In 2013 verscheen de vertaling van een invloedrijk boek van vader en zoon Skidelsky: Hoeveel is genoeg? Daarin stond centraal een artikel van de Engelse econoom John Maynard Keynes. Die voorzag midden in de Grote Depressie een tijd waarin we als mens nog maar drie uur per dag zouden hoeven te werken. Hij dacht aan 2030. Maar, stellen de Skidelsky's, anno 2013 zijn we nog niet zo ver. Maar door de komst van die zelflerende systemen (zeg: robots) zouden we het nog kunnen halen. Over vijftien jaar werken we gemiddeld nog maar drie uur per dag.
Moeten we nog wel een klein probleempje oplossen! Hoe zorgen we ervoor dat we allemaal een inkomen hebben om de Fords van die tijd draaiende te kunnen houden. Dat is andere koek als minister van financiën Dijsselbloem. Die onlangs in Spanje de burgers opriep harder en langer te gaan werken. Een land waar - zoals wordt beweerd - de helft van de jongeren werkloos thuis zit. Of onze pensioenleeftijd blijven verhogen.
Homepage Beelden, quotes en ideeën
Henry Ford. De grote man van de gelijknamige autofabriek in Detroit. De man die op zeker moment inzag dat zijn omzet alleen kon groeien - écht groeien - als gewone mensen in staat waren ook een T-Fordje te kopen. Maar daarvoor heb je inkomen (wages) nodig. Niet alleen om te kunnen overleven (de basisbehoeften). Nee, meer om 'leuke' dingen te kunnen aankopen. Klik hier voor een artikel (Henry Ford's tragically forgotten insight).
What good is industry if it be so unskillfully managed as not to return a living to everyone concerned? No question is more important than that of wages — most of the people of the country live on wages. The scale of their living — the rate of their wages — determines the prosperity of the country.
If we can distribute high wages, then that money is going to be spent and it will serve to make storekeepers and distributors and manufacturers and workers in other lines more prosperous and their prosperity will be reflected in our sales. Country-wide high wages spell country-wide prosperity, provided, however, the higher wages are paid for higher production.
The kind of workman who gives the business the best that is in him is the best kind of workman a business can have. ...[I]f a man feels that his day's work is not only supplying his basic need, but is also giving him a margin of comfort and enabling him to give his boys and girls their opportunity and his wife some pleasure in life, then his job looks good to him and he is free to give it of his best. This is a good thing for him and a good thing for the business.
Robots en de afname van betaald werk
De komende jaren zullen op de meest uiteenlopende en onverwachte plekken in de samenleving robots - of beter: zelflerende systemen - opduiken. Die betaald werk overbodig zullen maken. Indien de theorie van Joseph Schumpeter (creatieve destructie) dit keer niet opgaat (dat door technologische ontwikkelingen werkloos geworden mensen ander werk gaan doen), dan zitten we als samenleving en de opvolgers van Ford met een groot probleem. Wie gaat hun product of dienst afnemen? Niet langer de middenklasse, die nu nog voldoende omvangrijk en koopkrachtig is.
Een debat dat in de kinderschoenen staat
Onlangs schreef Rutger Bregman op De Correspondent een artikel over een wereld waarin robots zullen zorgen voor massawerkloosheid. Hij noemt in De race tegen de klok circa 50 procent in de komende twintig jaar. Een Amerikaans publicist (Kevin Kelly) noemt in zijn artikel Better than humans: why robots will -and must - take our jobs een getal van zeventig procent. Volstrekt ondenkbaar voor velen. Zeker voor politici die nog steeds geloven dat we na 'de crisis' terug zullen keren naar een tijd zoals we die hadden in de jaren negentig en de beginjaren van de 21e eeuw. Een tijd van bijna volledige werkgelegenheid met veel koopkrachtige burgers. Voor het gemak vergeten we dan (even) dat de aarde dat (ook) niet zou trekken. Klik hier voor een ander artikel.
De Wet van Moore
Helaas is (voor die politici) sinds de crisis van 2007 de Wet van Moore geldig gebleven, waardoor er elke 18 maanden snellere chips komen voor hetzelfde bedrag. Chips die overal ingebouwd worden. Software die steeds beter wordt en 'dingen' kan regelen. Deze autonome (niet te stoppen) (Kevin Kelly!) ontwikkeling zorgt er voor dat op dit moment al enkele zelflerende systemen binnen onze samenleving actief zijn. Klik hier voor een Tegenlicht uitzending over de manier waarop dit soort systemen nu al actief zijn op de beurs.
Waarom zal Ford worden aangehaald, genoemd?
Hij wist dat een bedrijf alleen kan floreren als consumenten genoeg geld in hun zak hebben om spullen te kunnen aankopen. Valt daar inkomen weg, dan heeft niet alleen de persoon in kwestie een probleem maar uiteindelijk ook het bedrijfsleven. En de overheid. Belastinginkomsten vallen terug. Er zijn steeds meer mensen die in leven moeten worden gehouden.
De Skidelsky's
In 2013 verscheen de vertaling van een invloedrijk boek van vader en zoon Skidelsky: Hoeveel is genoeg? Daarin stond centraal een artikel van de Engelse econoom John Maynard Keynes. Die voorzag midden in de Grote Depressie een tijd waarin we als mens nog maar drie uur per dag zouden hoeven te werken. Hij dacht aan 2030. Maar, stellen de Skidelsky's, anno 2013 zijn we nog niet zo ver. Maar door de komst van die zelflerende systemen (zeg: robots) zouden we het nog kunnen halen. Over vijftien jaar werken we gemiddeld nog maar drie uur per dag.
Moeten we nog wel een klein probleempje oplossen! Hoe zorgen we ervoor dat we allemaal een inkomen hebben om de Fords van die tijd draaiende te kunnen houden. Dat is andere koek als minister van financiën Dijsselbloem. Die onlangs in Spanje de burgers opriep harder en langer te gaan werken. Een land waar - zoals wordt beweerd - de helft van de jongeren werkloos thuis zit. Of onze pensioenleeftijd blijven verhogen.
Homepage Beelden, quotes en ideeën
Abonneren op:
Posts (Atom)








